Eerbetoon bij graf verzetsvrouw Annie de Graaf
Vorige week ontving Stichting Doetinchem Herdenkt in het Informatie- en Documentatiecentrum op de begraafplaats aan de Loolaan David Kelly uit Glasgow. De Schot is een zoon van George Kelly, een boordschutter die tijdens de Tweede Wereldoorlog met zijn door een Duitse nachtjager aangeschoten lancaster-bommenwerper in de Slangenburg op 23 september 1944 neerstortte. De negentienjarige Kelly was de enige overlevende. Hij vond onderdak bij boer Bruggink aan de IJzevoordseweg.
Vervolgens werd hij opgehaald door de Doetinchemse verzetsvrouw Annie de Graaf. Zij bracht hem onder in de woning van de familie Houtsma aan de Plantsoenstraat. Terwijl hij daar op zolder zat, namen twee dagen later er ook Duitse officieren hun intrek. Hoewel zij na enige tijd weer vertrokken was wel duidelijk dat het adres te gevaarlijk was. Daarop haalde de Beekse verzetsman Wim Moorman hem op. Die bracht hem onder op de zolder van de varkensschuur van de familie Berntsen in Loerbeek, het hoofdkwartier van de Beekse verzetsgroep waar ook Karel Adriaens en Herman Ankoné deel van uitmaakten. Op de zolder was ook de Oostenrijkse deserteur Hans Reichel ondergebracht.
Daar meldde zich ook een man die zei dat hij graag deel uit wilde gaan maken van de groep. Maar al snel bleek dat het een infiltrant was die voor de Duitsers werkte: een V-mann. De groep liep door hem zoveel gevaar dat besloten werd hem te liquideren. Het was uiteindelijk George Kelly die de trekker overhaalde. De verrader werd achter de schuur begraven.
Na de mislukte operatie Market Garden waren er ruim 350 geallieerden op de nog bezette noordoever van de Nederrijn achtergebleven. Samen met het verzet werd besloten om met ontsnappingsacties zoveel mogelijk mannen alsnog over de Nederrijn naar bevrijd gebied te brengen: Operatie Pegasus.
Operatie Pegasus I in oktober slaagde. Meer dan honderd mannen werden met bootjes in de buurt van Wageningen over de Rijn gebracht.
Operatie Pegasus II was gepland in de nacht van 17 op 18 november. De mannen die deel uit zouden gaan maken van de groep zaten verspreid op allerlei plaatsen ondergedoken. George Kelly werd door Clemens en Riek Berntsen naar het pontje bij Bronkhorst gebracht. Daarna naar een vakantiehuisje op camping Coldenhove bij Eerbeek. Vervolgens werd hij als nepgewonde in een ziekenauto naar het verzamelpunt in Lunteren gebracht.
Pegasus II mislukte echter jammerlijk omdat de groep onderweg op Duitsers stuitte. Tijdens een vuurgevecht vielen er doden en gewonden. Anderen werden gevangengenomen. Onder hen drie Nederlandse gidsen en een verpleegster. Zij belandden uiteindelijk in de SD-gevangenis De Kruisberg.
George Kelly wist echter met enkele anderen te vluchten. Hij bereikte zelfs de Nederrijn maar durfde niet naar de overkant te zwemmen. Op 23 november werd hij gevangengenomen door de Duitsers die hem vervolgens afvoerden naar een krijgsgevangenenkamp in Duitsland. Daar werd hij uiteindelijk bevrijd door het Sovjet-leger.
Op de begraafplaats aan de Loolaan was ook Henk Ankoné aanwezig, de zoon van verzetsman Herman Ankoné. Hij had David Kelly nog nooit ontmoet. Het werd dan ook een bijzondere ontmoeting. Bij het graf van Annie de Graaf legde David Kelly een kruis met het opschrift Lest we forget.
Beiden bezochten een dag later het graf van de uiteindelijk door een Duits vuurpeloton gefusilleerde Wim Moorman op het Ereveld in Loenen.

