Hans Reichels Wiener Blut



door Karel Berkhuysen




Fre, Erna en Errol voor het huis van Berntsen in Loerbeek
In 1913 wordt in Wenen Hans Reichel geboren. Een jaar later breekt de Eerste Wereldoorlog uit. Na een strijd die vier jaar duurt, valt de dubbelmonarchie Oostenrijk-Hongarije uiteen en wordt Oostenrijk een zelfstandig land. Maar als in Duitsland Adolf Hitler aan de macht komt, laat hij onmiddellijk weten dat hij alle Duitstaligen wil onderbrengen in ein Reich. In 1938 wordt Oostenrijk ingelijfd.
Hans Reichel bestiert dan een schoonmaak-bedrijfje. Dat houdt echter op als hij wordt opgeroepen om te dienen in Hitlers Wehrmacht. Een leger dat op 22 juni 1941 met vier miljoen militairen de Sovjet-Unie binnenvalt. Hans Reichel is een van hen.



Hans Reichel

Hij beseft echter dat Duitsland die strijd niet kan winnen. Hij deserteert en weet Wenen te bereiken. Daar wordt hij al snel herkend. Hij weet evenwel een geloofwaardig verhaal op te hangen voor zijn vlucht van het oostfront.
Hij wordt opnieuw ingelijfd en naar Frankrijk gestuurd. Na de geallieerde invasie in Normandië in juni 1944 deserteert hij opnieuw. Maar in de buurt van Avignon loopt hij tegen de lamp als een terugtrekkende Duitse pantserdivisie passeert. Ze arresteren hem en nemen hem mee op hun terugtocht. Die eindigt in de Achterhoek, in de buurt van Beek.

telposten
In Beek is al jarenlang een verzetsgroep actief. De groep heeft een schuilplaats in Loerbeek op de zolder van een voormalige varkensschuur van de familie Berntsen. In de schuur, naast de molen, is achter strobalen een ruimte van vijf bij vijf meter gecreëerd.



Wim Moorman

Tot de groep behoren onder meer Herman Ankoné, Karel Adriaens en Clemens Berntsen. Ook de achttienjarige Wim Moorman heeft zich bij de groep aangesloten. Hij lijkt voor niets en niemand bang en houdt zich vaak bezig met roekeloze acties. Hij weet bijvoorbeeld vele Duitsers een wapen afhandig te maken. Dat komt onder meer omdat hij uitstekend Duits spreekt waardoor hij erin slaagt om voortdurend met Duitse legereenheden aan te pappen. Als hem ter ore komt dat Hans Reichel terechtgesteld zal worden, helpt hij hem om te ontsnappen. Vervolgens brengt hij de Oostenrijker onder in de varkensschuur.


In september 1944 proberen de geallieerden door middel van Operatie Market Garden versneld een einde te maken aan de oorlog. Ze bevrijden Nijmegen, maar slagen er niet in om de zo cruciale Rijnbrug bij Arnhem definitief in handen te krijgen. Via het diensttelefoonnetwerk van de PGEM  dat door het verzet in Gelderland wordt gebruikt, krijgen de verzetsmensen het verzoek van de geallieerden om het Duitse militaire verkeer te registreren. Op die manier hopen de geallieerden een goed beeld te krijgen van de Duitse troepenbewegingen, sterkte en posities. Er wordt daarom een netwerk opgezet. Op talrijke door-gangswegen en kruispunten worden bewoners en verzetsmensen gevraagd of zij het passerende Duitse militaire verkeer en manschappen willen tellen. De locaties waar dat gebeurt, noemen ze telposten.
De posten zijn goed geïnformeerd. Ze kennen vrijwel alle aanduidingen, nummers en letters van de Duitse legeronderdelen die op de voertuigen staan vermeld. Hans Reichel heeft ze van die informatie voorzien.

fatale actie
In de Loerbeekse varkensschuur is ook de Brit Georg Kelly ondergebracht. De boordschutter is de enige overlevende van een in de Slangenburg neergestorte Lancaster-bommenwerper. Zijn verblijfplaats in het ouderlijk huis van verzetsleider Jan Houtsma  in de Doetinchemse Plantsoenstraat moest hij noodgedwongen verlaten, omdat een Duitse General-Oberst met zijn staf er in het kader van inkwartiering plotseling een paar kamers betrok.
Op 11 november 1944 worden in Doetinchem de achttienjarige ‘kleine’ Thijs Lichtendahl, zoon van verzetsleider ‘grote’ Thijs, en de drie jaar oudere Jan Bruinsma door de Duitsers opgepakt. Beiden zijn actief in het verzet. Ze worden vervolgens door de Sicherheitsdienst verhoord. Politieagent Dirk van der Horst komt erachter dat de kans groot is dat ze door zullen slaan en waarschuwt Jan Houtsma. Vooral Houtsma en zijn vriendin Annie de Graaf, die eveneens een belangrijke rol in het verzet vervult, lopen in dat geval groot gevaar. Beiden duiken daarom onder in de schuur in Loerbeek. Daar wordt besloten om de jongens te bevrijden uit het politiebureau van Doetinchem waar ze gevangen zitten.
De daaropvolgende dag doen Wim Moorman en Ko Prins zich voor als leden van de Sicherheitspolizei. De beide verzetsmannen bedreigen de bewakers met een pistool en bevrijden de jongens. Daarna vluchten ze. Politieagent Jan Ellen vlucht met hen mee. Hij is van plan om onder te duiken. De mannen brengen vervolgens de nacht door in de woning van Houtsma. De volgende dag wordt Thijs ondergebracht op een boerderij in Olburgen.
In januari 1945 krijgen Wim Moorman en Karel Adriaens opdracht om per fiets Jan Ellen naar zijn ouders in het Friese Noordwolde te brengen. Maar ze weten niet zeker of Ellen volledig te vertrouwen is. Moorman draagt daarom een pistool bij zich om hem ingeval van verraad te doden. Hij heeft de opdracht om het pistool in Noordwolde achter te laten als is gebleken dat Ellen wel betrouwbaar is.
Ellen blijkt uiteindelijk volledig te vertrouwen. Als hij veilig in Friesland bij zijn ouders is afgeleverd, houdt Moorman echter tegen de opdracht in het pistool bij zich. Dat doet hij omdat hij samen met Adriaens het plan heeft opgevat om diens broer te bevrijden die in Westerbork gevangen wordt gehouden.
Zover komt het niet, want beiden worden in Beetsterzwaag bij een controle door de Sicherheitsdienst aangehouden. De SD’ers vinden het pistool en een lijst met onderduikadressen. Moorman en Adriaens worden gearresteerd en opgesloten in de gevangenis van Leeuwarden.
Op 22 januari wordt Wim Moorman uit zijn cel gehaald. Hij wordt naar Dokkum gebracht waar hij samen met negentien anderen door een Einsatzkommando wordt gefusilleerd als represaille voor twee door het verzet gedode SD’ers na een mislukte bevrijdingsactie.

zoektocht
Het verzet brengt Hans Reichel vanuit Loerbeek naar Doetinchem. Daar vindt hij onderdak in een woning in de Kruisberg bij een echtpaar met drie dochters. Daar maakt hij de bevrijding door de Canadezen mee. Hij keert echter niet terug naar Wenen. Hij blijft bij het gezin wonen. Vervolgens worden er nog een zoon en dochter geboren.
Wim Moorman wordt herbegraven in Beek. Jan Houtsma houdt er een toespraak. Een van de dragers van de kist is Hans Reichel.


De herbegrafenis van Wim Moorman

Uiteindelijk verlaat Hans Reichel in 1949 het gezin en verhuist naar Den Haag waar hij een relatie heeft. Jaren later keert hij uiteindelijk terug naar Wenen.
Pas als de zoon en dochter in Doetinchem een jaar of twaalf zijn, krijgen zij te horen dat niet de man waarvan zij dachten dat het hun vader was hun vader is, maar Hans Reichel.
Als beiden de middelbare leeftijd hebben bereikt, proberen ze hem op te sporen. Ze reizen zelfs naar Wenen en zoeken zijn naam in gidsen in telefooncellen. Ze beschikken echter over een foutief gespelde naam, zodat hun pogingen niet slagen. Dat lukt pas in 2005, via internet. Ze reizen opnieuw naar Wenen, maar daar krijgen ze te horen dat hun vader inmiddels is overleden. Ze zijn echter blij om hun twee halfbroers te ontmoeten.

bezoek
In 2018 komt een de Oostenrijkse halfbroers, Errol Reichel, naar de Achterhoek. Op uitnodiging van de Stichting Doetinchem Herdenkt vertellen de drie hun gezamenlijke levensgeschiedenis. Tevens worden de woning in de Kruisberg en de plek van de voormalige schuilplaats in Loerbeek bezocht. De varkensschuur is afgebroken, de molen is ernstig vervallen en de woning staat leeg. De laatste bewoonster Riet Berntsen blijkt in 2014 te zijn overleden.
De volgende dag keerde Errol Reichel terug naar Wenen, waar hij ooit het schoonmaakbedrijfje van zijn vader had overgenomen. Het bedrijf telt inmiddels 3500 werknemers.      

.