Verzetsgroepen

door Karel Berkhuysen

De Ordedienst (OD)


Al in de zomer van 1940 ontstaat er de eerste grote georganiseerde verzetsgroep: de Ordedienst, een politiek gezien rechtse en behoudende groep die vooral uit ex-militairen bestaat. Zij verwachten een chaos na een eventuele bevrijding en hebben zich tot doel gesteld om tijdens die periode voor orde te zorgen. Toch houden diverse OD-leden zich met het oog op die bevrijding na enige tijd ook bezig met verzetsactiviteiten. Ze richten zich daarbij vooral op militaire spionage. Door verschillen in doel, herkomst en instelling is de verhouding van de Ordedienst met de CID in Nederland niet goed. De OD maakt dan ook veelal gebruik van een eigen illegaal telefoonnet. De CID in Londen beschouwt de OD gedurende de eerste oorlogsjaren als de enige goed gedisciplineerde en gestructureerde verzetsgroep. De Londense CID ontvangt en behandelt daarom vrijwel uitsluitend berichten van de OD. De in Rijswijk woonachtige PTT’er Jan Thijssen is al sinds de inval bezig om in eigen beheer een binnenlands zendernetwerk te bouwen. De OD-leiding vraagt hem om een zendernetwerk te realiseren voor het geval de Duitsers de telefoon- en telegrafieverbindingen zouden vernietigen. Als Thijssen als hoofd Radiodienst van de OD het netwerk medio 1943 klaar heeft, wil hij het onmiddellijk gebruiken. OD-leider jonkheer Pieter Jacob Six wil echter wachten tot de bevrijding.

Centrale Inlichtingendienst (CID)


Naast de Centrale Inlichtingendienst van de Nederlandse regering in Londen bestaat er ook in Nederland een inlichtingendienst. Aanvankelijk is de naam Inlichtingen Dienst, maar later wordt het de Centrale Inlichtingen Dienst, de CID, genoemd. Hoewel die benaming hetzelfde is als de Nederlandse inlichtingendienst in Londen, hebben de organisaties niets met elkaar te maken.
De CID in Nederland is mede opgezet door de in Arnhem geboren rechercheur van politie Wim Sanders uit Enschede. Hij legt onder meer een cartotheek aan van V-männer en anderen die in het verzet infiltreren. Omdat dat vaak door dezelfde personen gebeurt die telkens weer op andere plaatsen opduiken, is hij ervan overtuigd dat de telefoon in het voordeel van het verzet kan werken. Samen met de PTT'ers Schuilenga en Posthuma realiseren ze een illegaal systeem van telefoonverbindingen dat vrijwel het hele land omvat. Toch is er geen sprake van één telefoonnetwerk, maar van afzonderlijke netwerken en lijnen die los van elkaar functioneren. Dat is mogelijk omdat er naast het openbare PTT-rijksnet ook nog telefoonnetten zijn van het Nederlandse leger, Rijkswaterstaat, de Nederlandse Spoorwegen, de waterbedrijven, de gemeentelijke energiebedrijven en de elektriciteitsbedrijven zoals de PGEM.
Tevens bestaan er veel aansluitingen die zijn aangelegd op basis van individuele verzoeken zodat er geen sprake is van een systematisch verbindingsstelsel.  Al die systemen en netwerken bij elkaar maken dat Nederland een wirwar van telefoonverbindingen kent waar niemand een totaaloverzicht over heeft. En het ontbreekt de Duitsers aan technische kennis om het te doorzien.
De CID, die voor de helft uit PTT’ers bestaat, vormt binnen het verzet een zelfstandige groep. Hoewel Sanders voorzitter wordt genoemd, is er geen sprake van een hechte organisatievorm. Dat komt onder meer door de zeer uiteenlopende illegale werkzaamheden. Er zijn administratieve krachten en koeriers en anderen luisteren in wisseldienst 24 uur per dag Duitse telefoon- en telegraaf-verbindingen af. Weer anderen brengen veranderingen in centrales aan, lassen kabels om of leggen nieuwe aan. Ook zijn er leden die zich bezighouden met de instandhouding van diverse telefoonaansluitingen van abonnees die afgesloten zouden moeten zijn omdat ze in een Sperrgebiet wonen.
Voor het geval de Duitsers de stroomvoorziening weg zouden nemen, leggen CID’ers tussen Utrecht en enkele andere steden clandestiene inductorverbindingen aan. Ook brengt de CID telefoonverbindingen tot stand met enkele provinciale elektriciteitsbedrijven.
Op die manier realiseren de CID’ers gezamenlijk het belangrijkste en meest omvangrijke illegale telefoonnet van het land. Een net dat zo effectief werkt dat er zelfs contact wordt gelegd met de illegale pers. Die maakt er vervolgens volop gebruik van om berichten en nieuws door te geven.
De CID is eveneens in staat om telefoon-gesprekken af te luisteren. Door middel van zogeheten luisterposten wordt er op diverse lijnen van de Wehrmacht, de SS en de SD meegeluisterd. Dit ondanks het feit dat de Duitsers over een eigen kabelnetwerk beschikken.


Rolls Royce (RR)


Rolls Royce (R.R) is een in 1943 opgerichte jonge verzetsgroep die zich bezighoudt met koeriersdiensten, het verzamelen van militaire en politieke informatie, de verspreiding van verzetskranten en het onderbrengen van onderduikers. Een aantal leden is voorheen lid geweest van CS-6 voordat deze groep gedeeltelijk werd opgerold. Na de bevrijding van Zuid-Nederland zorgt de groep tevens voor berichtgeving door de linies.


Nationaal Steunfonds (NSF)



Bureau Inlichtingen (BI)


De Centrale Inlichtingen Dienst van de Nederlandse regering in Londen functioneert niet goed. Binnen anderhalf jaar is de dienst al aan zijn derde chef toe en er bestaat een volkomen afhankelijkheid van de Britten. In november 1942 wordt de CID dan ook vervangen door het Bureau Inlichtingen. Het BI krijgt volgens Koninklijk Besluit de taak …… Het inwinnen, verzamelen en doorgeven ter bevoegder plaatse van alle inlichtingen, welke van belang zijn voor de handhaving van de rust en veiligheid van het koninkrijk, de oorlogvoering en de daaruit voortvloeiende deelneming aan de geallieerde oorlogvoering, alsmede voor de voorbereiding tot het heroveren van het Nederlands grondgebied en het herstel en het behoud van het wettig gezag daarover
In juli 1943 wordt kapitein Jan Somer benoemd als hoofd. Omdat het BI ressorteert onder het departement van Oorlog is het minister Van Lidth de Jeude van dat ministerie die op 5 augustus 1943 bepaalt dat alleen het BI de geheime berichtenwisseling met bezet gebied mag verzorgen.
Omdat de Ordedienst vooral tot doel heeft om na de bevrijding actief te worden, houdt die groep zich met name bezig met het verzamelen van informatie. Omdat het BI weet dat de Ordedienst de nodige structuur en continuïteit kent, verwerkt het aanvankelijk vrijwel uitsluitend informatie van de OD.
Het contact tussen bezet Nederland en het BI in Londen is echter slecht. Het BI wil dat verbeteren door het droppen van naar Engeland gevluchte Nederlanders. Degenen die daarvoor in aanmerking komen, volgen na een strenge selectie een zware training bij de Britse Secret Intelligence Service en een uiterst pittige opleiding telegrafie. Slechts weinigen doorstaan dan ook de testen. Onder hen Hendrik de Jonge. Hij springt op 11 maart als eerste Engelandvaarder boven nachtelijk Nederland*. Daarna volgen er meer agenten. Ze zijn in het bezit van een radiozendontvanger die niet groter is dan een schrijfmachinekoffertje. De meeste radiotele-grafisten hebben twee kristallen bij zich zodat ze kunnen kiezen uit de 40-meter band en de 80-meter band. Een nadeel is echter dat tijdens de uitzending het niet mogelijk is om van golflengte te veranderen.
Sommige agenten hebben tevens de beschikking over een Radio-Telefonieset. Met de RT-set kan er door middel van een radiotelefonische verbinding normaal worden gesproken. Het contact komt tot stand door middel van een operator van het BI in een verkenningsvliegtuig van de Royal Air Force dat op afgesproken tijden boven de Biesbosch of de Noordzee cirkelt.
De agenten krijgen tijdens hun opleiding van hun Britse instructeurs te horen dat het niet mogelijk is dat de Duitsers de zenders uitpeilen. Dat blijk tijdens het zenden in Nederland echter wel degelijk het geval…
* In de periode van 11 maart 1943 tot en met 12 april 1945 werden door het Bureau Inlichtingen tijdens 26 vluchten 44 agenten boven bezet Nederland geparachuteerd: een agent werd twee maal met een opdracht uitgezonden, achttien agenten keerden na beëindiging van hun opdracht terug en negen werden gearresteerd (Zij keerden na de bevrijding van Nederland terug). Zeventien agenten kwamen om het leven. Twee agenten kwamen om bij een ongeluk, acht werden gefusilleerd, drie sneuvelden tijdens een vuurgevecht, één agent kwam om bij een geallieerd bombardement en drie overleden in gevangenschap.


De Radiodienst


In januari 1943 wordt het initiatief genomen om de Radiodienst op te richten. Het doel is om door middel van zenders verbindingen met Engeland tot stand te brengen en een binnenlands net op te bouwen. Er is echter al snel onenigheid over de vraag wie van het net gebruik zou mogen maken. Diverse OD’ers willen het uitsluitend voor hun eigen organisatie gebruiken. Anderen daarentegen willen dat het door alle verzetsgroepen kan worden gebruikt. Zij richten daarom een eigen radiodienst op. Jan Thijssen is hoofd van de Radiodienst. Tevens maakt hij deel uit van de Ordedienst. Hij krijgt een conflict met het hoofd van de OD, jonkheer Pieter Jacob Six. Thijssen vindt dat de zenders onmiddellijk gebruikt moeten worden voor het verzetswerk. De OD wil ze echter pas na de bevrijding gebruiken. Thijssen verlaat daarom de OD.

De Landelijke organisatie voor hulp
aan Onderduikers (LO)


In het najaar van 1942 wordt de Landelijke Organisatie Voor Hulp Aan Onderduikers opgericht. De aanleiding is het feit dat steeds meer mannen weigeren om in het kader van de Arbeitseinsatz in Duitsland te gaan werken en daarom onderduiken. De oprichting gebeurt op een boerderij in het Ruurlose Broek door de ondergedoken dominee Frederik Slomp, alias Frits de Zwerver, en de Winterswijkse Helena Kuipers-Rietberg. Zij krijgt de schuilnaam Tante Riek.

Helena Kuipers-Rietberg

De groep, die zich kortweg LO noemt, zorgt onder meer voor onderduikadressen, eten en transport voor onderduikers. De LO heeft een confessionele-christelijke-gereformeerde achtergrond en werkt nauw samen met de CID. De LO-leden maken dan ook veel gebruik van het illegale telefoonnet.

De Groep Albrecht

VOLGT


De Raad Van Verzet (RVV)


Nadat Jan Thijssen uit de OD is gestapt, richt hij in april 1943 met zes geestverwanten de Raad van Verzet op. Een deel van de leden van de Ordedienst dat eveneens vindt dat er bij de OD een te afwachtende houding bestaat, sluit zich vervolgens aan. Samen vormen zij een onkerkelijke en progressieve verzetsgroep waarin meerdere communisten actief zijn. Ook Lambertus Neher, de Haagse PTT-directeur, verlaat de OD. Hij sluit zich eveneens aan bij de RVV. De RVV-leden willen zich vooral op sabotage richten. Daarom is er een goed contact met het Landelijk verbond van Knokploegen, het LKP. Tussen de RVV en OD blijven de verschillen in opvattingen. Bij de OD bestaat vooral angst voor een communistische greep naar de macht tijdens een eventueel machtsvacuüm na de bevrijding. Ook het conflict tussen Six en Thijssen staat een goede samenwerking tussen OD en RVV in de weg. De RVV maakt veel gebruik van het CID-telefoonnetwerk.


Landelijk verbond van Knokploegen (LKP)


Als het aantal mannen groeit dat weigert zich te melden voor de verplichte tewerkstelling in Duitsland, neemt het aantal onderduikers toe. Er zijn distributiebonnen nodig om hen van voedsel te kunnen voorzien. De leiding van het LO besluit daarom op 14 augustus 1943 tot oprichting van eigen knokploegen en bundeling van bestaande groepen. De organisatie krijgt de naam Landelijk Verbond van Knokploegen. Het LKP is nauw verbonden met de LO en houdt zich bezig met droppingen, wapentransporten, liquidaties, sabotage, het verzamelen van inlichtingen en het vervoer van geallieerde bemanningsleden van vliegtuigen naar bevrijd gebied. Vanaf de herfst van 1943 bestaat een aanzienlijk deel van de activiteiten van de knokploegen uit het overvallen van distributiekantoren om zo distributiebonnen te bemachtigen.

Daily World News Arnhem


Daily World News Arnhem - kortweg DWN genaamd - kwam tot stand toen de geruchten als gevolg van de verplichte inlevering van de radiotoestellen hand over hand toenamen. De uitgevers wilden een moreel tegenwicht vormen tegen de tendentieuze Duitse voorlichting. Wekelijks werd een bewerking van het Politiek Weekoverzicht van Radio Oranje - dikwijls in miniatuurvorm (10 x 12 cm) - als bijlage toegevoegd; van maart tot 29 augustus 1944 werd tevens het BUITENLANDSCH OVERZICHT VAN HET PAROOL (zie nr. 90) herstencild. Klaas Schuttinga, een bij de familie Bresser ondergedoken meubelmaker, en de in eigen huis ondergedoken HBS-leerling H. Bresser waren de initiatiefnemers. De redactie was gehuisvest in een geheime bergplaats onder de dakpannen van het huis. Medewerking verleenden de broer en zuster van Bresser, alsmede mej. G.G. Wijlhuizen en D.P. Wijlhuizen. Aanvankelijk werd met opzet met zeer dun papier gewerkt, opdat de lezers het blad in geval van nood gemakkelijk konden verbergen. Er werden tien verspreiders uitgekozen die de exemplaren per post kregen toegezonden. Van deze mensen was men zeker, dat ze de berichten niet uit angst verbrandden, maar bij grote instellingen verder verspreidden. Toen het blad gestencild werd, kon het om financiële redenen slechts drie maal per week uitkomen, en werd de titel DAILY WORLD NEWS - tot september 1944 - weggelaten; dit achtte men trouwens ook uit veiligheidsoverwegingen beter. Op 1 februari 1944 werd Schuttinga ernstig ziek en tot 1 mei 1944 stond H. Bresser praktisch alleen voor al het werk. Op 1 mei 1944 kreeg hij een 'verjongd' persoonsbewijs, zodat hij zonder gevaar voor de arbeidsinzet weer op de schoolbanken plaats kon nemen. Zijn broer Paul nam toen de redactie en alle andere werkzaamheden over. Toen op 17 september 1944 de strijd bij Arnhem begon, maakte DWN onmiddellijk de gebeurtenissen bekend. Vanuit het huis, dat aan de rand van het gevechtsterrein gelegen was, werd DWN in groter oplage dan tevoren - 500 ex. - weer als DAILY WORLD NEWS verspreid. De gehele installatie verhuisde van de zolder naar een door P. Bresser in de fundamenten van het oude huis gebouwde schuilplaats. Het nieuws ging nu niet langer de stad in, maar volgde de Arnhemmers naar hun evacuatie-dorpen. De familie Bresser zelf besloot tegen alle bevelen in, in de stad te blijven; de gebroeders Bresser voorzagen zichzelf van valse Ausweise. De familie huisde in het souterrain. Licht kwam van 'Flit' en van andere dergelijke produkten, stroom van de bel-batterijen der Arnhemse trams. Een fiets om de accu's bij te laden leverde bij een maximum aan familie-energie een minimaal rendement. In november 1944 vond ten slotte de reeds lang dreigende huiszoeking en roof ook bij de familie Bresser plaats. Hierbij werd de stencilmachine met de nog natte inkt ontdekt. Na de Duitsers verzekerd te hebben dat de machine in geen jaren gebruikt was, maar dat een bepaald soort stencilinkt nooit droog werd, mocht Paul Bresser eigenhandig de apparatuur in de Duitse auto's laden. Het verlaten Arnhem leverde echter voldoende kantoormachines, en DWN bleef verschijnen. Op 4 januari 1945 werd de schuilplaats door de Sipo ontdekt, nadat een dag tevoren Schuttinga en een vriend, Nico van den Oever, wegens hulp aan parachutisten waren gearresteerd. Ook de familie Bresser was hierbij betrokken. Truus Bresser en de verloofde en medewerkster van Paul Bresser, mej. F. Tebbenhof, werden gearresteerd en eerst naar De Kruisberg, daarna naar Westerbork overgebracht. De gebroeders Bresser konden na een sensationele vlucht ontsnappen. Aan de blindheid van de oude heer Bresser hadden hij en mevr. Bresser te danken dat zij niet gearresteerd werden. Na nieuwe pogingen om DWN ten behoeve van de geëvacueerde bevolking voort te zetten, werd H. Bresser gearresteerd. Hij ontsnapte kort voor de bevrijding. Paul Bresser verbleef gedurende de wintermaanden in een tent midden in het Loenense Bos. Toen hij de gehele installatie gereed had om opnieuw te starten, kwam het einde van de oorlog. De beide dames zijn uit gevangenschap teruggekeerd, maar met geschokte gezondheid. Klaas Schuttinga is in het concentratiekamp overleden. Een van medewerking verdachte oom van de gebroeders Bresser, Dirk Bresser, werd gearresteerd, evenals Henk Kraaijenbrink, die de groep van Ausweise voorzag. Beiden zijn niet uit gevangenschap teruggekeerd. Zij stierven in kamp Neuengamme. Dat gold ook voor Nico van den Oever
Lees meer: Van De Kruisberg naar Neuengamme:
Dirk Bresser, Nico van den Oever, Henk Kraaijenbrink